De Playlist:
koen poolman



Iedere maand 15 16 nieuwe tracks in de playlist. Uitgekozen door één van de heren of andere relaties van de Stookhoksessies. Het kan alle kanten op.

Deze maand: Koen Poolman

Daar zit ik dan, al weken aan het bureau op zolder, soms tot diep in de nacht, te werken aan een maandblad dat iedere week weer een ander gezicht krijgt door alles wat er buiten gebeurt, of eigenlijk niet gebeurt. Het is een rare tijd, deze thuisisolatie. Een verontrustende tijd, vol onzekerheid, draaiende perspectieven, nieuwe routines en alsmaar donkerder doemscenario’s. Het redactielokaal staat al wekenlang leeg, iedereen werkt vanuit huis. Ik trek mij terug in mijn cocon, het gaat me relatief goed af. Sommige mensen worden geboren als labrador, ik ben een nachtuil. Geboren als quarantainemens. Ik moet nog op resocialisatiecursus als straks de luiken weer opengaan.

Daar zit ik dus, op zolder, te stressen terwijl de rest van het gezin huiswerk maakt, tv kijkt of allang naar bed is gegaan. Als ik m’n stoel draai kan ik mijn platenkast zien, die muur van vinyl en kasten vol cd’s die hier sinds de laatste verhuizing staan te verstoffen, zeker sinds ik tien jaar geleden Spotify omarmde en alle muziek in mijn broekzak heb zitten. Geen collega’s in de buurt, geen gezinsleden, ik kan draaien wat ik wil, niemand die zich aan mijn eigenaardigheden stoort, ik leef in mijn hoofd en ik dans in mijn hoofd, springend van de ene vergeten plaat naar de andere, allemaal binnen handbereik. Ik herontdek mijn eigen collectie, eerst het vinyl, daarna de cd’s. Ik vind platen waarvan ik niet eens meer wist dat ik ze had, soms moet ik een serienummer door Discogs trekken om te achterhalen wat ik vastheb (hoera, een cd van Gimmik!), soms blijken ze zo kostbaar dat ik ze van schrik uit mijn handen laat vallen.

Veel techno, electro en IDM, liefst daar waar het één het ander overlapt, waar het schuurt, waar het glitcht, waar het stuitert, of in een eindeloze dub-loop blijft hangen. Waar de synths huilen, de hartslag stokt en de tijd stilstaat, als een herinnering aan wat toen de toekomst was en nu een warm verleden.

Zo ga ik tijdreizend door mijn zolder en schep een veilige wereld vol nostalgische soundscapes, misschien als tegenwicht voor de grimmige realiteit, misschien als spiegel van dit solitaire bestaan, misschien omdat ik die groene naald even uit mijn arm wil trekken en mij loskoppel van het Spotify-infuus, of gewoon omdat het kan, de platen staan ervoor en ik ben hier nou toch, en waarschijnlijk nog wel even ook. Het begint met enkele rake grepen in de kast, mede ingegeven door de Eevo Lute-heruitgaven door Delsin, en verzandt al snel in één lange dwaaltocht, met een grote boog om de all time favourites die al die jaren wél bij me zijn gebleven en ik kan dromen. In plaats daarvan draai ik Voltage Control van Russ Gabriel, 25 jaar oud inmiddels, maar nog steeds even vitaal als pakweg alle Analord-releases van Aphex Twin, en Snow Robots Remixes, een EP met types als Solvent, Perspects, Adult., Lowfish, Isan en D’Arcangelo. Destijds, in 2001, zal ik ‘m een paar keer geluisterd hebben, wellicht gerecenseerd en vervolgens in de kast ‘gefiled’, nu draai ik ‘m grijs, en zo zijn er meer.

Na enkele weken kan ik mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen. Zou ik ze ook op Spotify kunnen vinden? Wat is er nou makkelijker dan alles even in een playlist gooien?

Het valt me niet tegen. Eerdere ervaringen leerden dat veel elektronisch spul van voor 2008, het Spotify-jaar nul, ontbreekt; labeltjes zijn opgedoekt, rechten verweesd, originelen voor vermogens op Discogs verhandeld. Maar zodra ik Spotify aanslinger, stromen de hits binnen. Ik denk dat ik zo’n driekwart kan terugvinden. Gestaag begin ik ze te verzamelen in mijn Quarantaine-lijstje, al gauw zo’n 450 tracks lang, eerst de vergeten parels en ondergesneeuwde tweede keus, daarna toch ook maar wat minder bekende en stukgedraaide tracks van mijn favorieten en al gauw ook nieuwer werk van producers die gevoelsmatig in dezelfde traditie staan als mijn helden van toen.

Ik merk dat ik neig naar steriel, hermetisch, lineair, vooral niet fysiek en sexy, en dus ook niet ‘deep’, ‘funky’ of ‘soulvol’, het is een gevoelskwestie, ik ga nu even voor unheimisch. Er is een tijd van feesten en een tijd van berusting, dit is de tijd daartussenin, in de wachtkamer. In een sfeer van doom & gloom zweef ik nachten aaneen door, in trance, alleen onderbroken door bijna spastische momenten van onverklaarbare euforie (Altered States, Spastik), of, liefst op het eind, een streepje zonneschijn (bijv. Rockledge 3A van Datach’i, het BoCste nummer dat BoC nooit maakte).

Het was nog vóór deze corona-ellende begon dat Martin me vroeg of ik een playlist voor de Stookhoksessies wilde maken. Ik startte met een heel ander idee - mijn muzieksmaak is niet zozeer veranderlijk als het weer, ik ben vrij streng en standvastig, als wel zeer uiteenlopend, op de spaarzame momenten dat ik afgelopen weken in de tuin zat heb ik echt wel even iets zonnigers opgezet - maar deze vreemde, ongemakkelijke quarantaine-tijd vraagt gewoon om een vreemde, ongemakkelijke quarantaine-playlist. Ik voel me er prettig bij, ’s avonds laat in m’n uppie, in mijn bovenkamer. Daar stormt het, maar kom ik ook tot rust, wanneer Richie Hawtin in de nightliner stapt, wanneer Stefan Betke zijn rondjes draait, of wanneer Gerald Donald ons eraan herinnert hoe roest klinkt. Op die momenten huilt de wereld, maar klopt mijn hart.

Ik heb er uiteindelijk 15 tracks voor de Stookhoksessies uitgelicht, met een ongevraagde toegift op het einde, want zo ben ik, adaptief doch eigenwijs. U vraagt wij draaien, maar liever 46 uur op shuffle, met alleen het licht van een bureaulampje. Niet voor de gezelligheid, niet voor de vloer, niet voor de props (al ben ik, als non-dj, vereerd, dank Martin!), eigenlijk ook niet voor u, luisteraar, maar puur voor mezelf, voor de geestelijke gezondheid. Ik zou niet zonder kunnen. Een wereld zonder muziek, dat zou pas echt verstikkend zijn.

PS Behalve die eerste Russ Gabriel en Snow Robots miste ik afgelopen weken op Spotify en dus in mijn lijst vooral ook: de eerste Tresors, Underground Resistance, Mille Plateaux en Source Records, Broken Toy’s Corner van D’Arcangelo (een van de platen waarmee deze trip to memory lane begon), Dave Clarke, Neuropolitique, Kit Clayton, Geoff White, Thomas Brinkmann (eigenlijk geldt voor al deze jongens: alleen het veel minder spannende latere werk is te streamen) en The Philosophy Of Sound And Machine, de compilatie van A.R.T. en Rephlex uit 1992. Dat Spotify ons Blue Calx onthoudt is even jammerlijk als het naametiket dat ik indertijd op veel van die oude cd’s heb gezet met een ouderwets stempelkussen. Gelukkig was ik het op deze vergeten.

PS2 Ik ben dus bewust om persoonlijke favorieten als SAW1, Bytes, Amber, Tri Repetae en MHTRTC heengelopen, die albums betekenen zoveel voor mee, daar verandert zo’n crisis niks aan, ook al duurt het straks nog een jaar.

Koen Poolman schreef in 1989 in Dordrecht zijn eerste stukjes voor het lokale clubblaadje. Hij had eigenlijk architect moeten worden, maar klom via de kolommen van Opscene en OOR op tot hoofdredacteur en uitgever van beide muziekbladen, en dat is hij nog steeds. In zijn vrije tijd houdt hij verschillende playlists bij op Spotify, waaronder de redactieplaylist van OOR en – voor de danceliefhebbers – OOR Danst, in een tempo dat nauwelijks bij te houden is, al was het maar omdat de gitaar hem even lief is als de 808.

Blijf op de hoogte